Widukind en Karel de Grote

Hier beleefde Frankenkoning Karel een van zijn belangrijkste overwinningen tegen de legendarische Saksenhertog Widukind. In Paderborn verenigde hij zich met de paus over de voorwaarden voor zijn kroning tot keizer. En overal in de regio liet hij kerken en kloosters bouwen en bracht  hij het volk cultuur en onderwijs bij. Ervaar op historische plekken waarom hij Karel “de Grote” genoemd werd.

 

 

Karel de Grote

In zijn vierde jaar als koning van de Franken kwam Karel in 772 voor de eerste keer naar Westfalen. Zijn doel: het bekeren van de heidense Saksen naar het Christendom en het uitbreiden van zijn rijk. Hij slaagde maar voor een deel. Steeds opnieuw ging hij de strijd aan met zijn buren en in 804 brak hij door de laatste tegenstand. Voor die tijd liet hij al kerken, kloosters en burchten bouwen om zijn heerschap te vestigen en het nieuwe geloof vreedzaam te verspreiden. Al in het jaar 777 organiseerde hij een grote Rijksdag in zijn paleis in Paderborn, waarmee hij in 799 ook Paus Leo III ontving. Belangrijk voor de stad, want in dat jaar werd Paderborn bisschopszetel. Ook voor beide mannen was dit van belang, ze maakten een afspraak voor het jaar 800 in Rome, waar Karel tot keizer gekroond werd. Delen van het paleis van Paderborn bleven bewaard en zijn nu te bewonderen in het “Museum in der Kaiserpfalz". In Lügde zijn resten van een andere koningswoning te vinden, waar Karel met zijn gevolg de kerst van 784 gevierd zou hebben.

Dioezesanmuseum Paderborn - Karl der Grosse - Karolinger Ausstellung (1999)
© Dioezesanmuseum Paderborn
Widukind in Herford - Foto: T. Gödecker
© T. Gödecker

Widukind

De Saksenoorlogen duurden meer dan dertig jaar, want Koning Karel had met meerdere tegenstanders van doen. Sommige stamhoofden gaven zich zo over, andere gaven zich niet zo snel gewonnen. Widukind hield het tegen de, overigens superieure, Franken zo lang en verwoed vol, dat hij een mythisch heldenfiguur werd. Zijn verhaal is te zien in het Widukindmuseum in Enger. In de stad kunt u met talrijke wandelroutes kennismaken met deze mythe. De Widukindweg bijvoorbeeld, loopt naar de oude burchtruïne Babilonie, die nauw met de Saksische helden verbonden is. Historische feiten over Widukind zijn er bijna niet, ook hoe hij eruit zag is onbekend. Zijn monument in Herford is dan ook vooral een voorstelling van een oud-Germaanse held, die in de late 19e eeuw heerste. Zeker is dat Wittekind in 785 gedoopt werd. En blijkbaar vindt hij in de stiftskerk van Enger zijn laatste rustplaats. Ook een grondig onderzoek naar het graf leverde niets op, wat dit verhaal dan weer tegenspreekt. Daarom blijft er twijfel over de waarheid achter Widukind.

De Saksenoorlogen

De ruïne van de Iburg op de bergkam van het Teutoburgerwoud boven Bad Driburg geeft een goed beeld van hoe zwaar de Franken het hier hadden. Het wandelpad naar boven laat zien hoe goed verdedigbaar deze vesting 1200 jaar geleden was. Toch namen troepen van Karel in 772 de burcht in, vernielden deze grotendeels en bouwden als teken van hun overwinning een kerk, waarvan de fundering bewaard is gebleven. Volgens een legende zou hier het Saksische heiligdom Irminsul gestaan hebben, dat Karel omver wierp en verbrandde.

In het jaar 777 gaven in Paderborn een aantal Saksische stammen zich over. Anderen bleven met de Franken een soort guerrillastrijd voeren, die zelfs na de doop van Widukind in 785 niet eindigde.

Grabungsinszenierung Enger - Foto: H. Wurm
© H. Wurm
Kaiserpfalz und Rothobornpader Paderborn - Foto: I. Vogedes
© I. Vogedes

Eindelijk vrede

Waar Karel de Grote won, toonde hij zich een genadig heerser. Zo nam hij voor de veroverde gebieden ook delen van het Saksische stammenrecht op in zijn wetgeving. Bovendien vormden de kloosters de basis voor een economische en culturele opleving, ook onder zijn opvolgers. Het meest indrukwekkende voorbeeld daarvan is het huidige UNESCO-werelderfgoed Corvey. Maar dat is een heel ander verhaal.